Normaliter droogt de stroom aan releases in de zomer rap op, om pas in september weer aan te zwellen tot een brede rivier aan nieuwe muziek. Nu zitten we al in de derde week van juli en lijkt er nog geen stoppen aan. Wat we ook doen: de albumpromo’s klotsen door de filters en over de randen van de mailbox. En dan is er de afgelopen maanden ook al zoveel heavy materiaal uitgekomen dat we nog niet bespraken… Geen nood, we peddelen en tijgeren gewoon door en ditmaal komt redacteur Joost Schreurs to the rescue!

De Utrechter is serieus op stoom gekomen en vuurt drie albumreviews op de eindredactie af, te beginnen met de nieuwste van de (in topbezetting) herrezen industrial metalbazen van Fear Factory. Ook Blackberry Smoke is al even bezig en de mannen uit Atlanta zijn op deze zevende plaat weer absoluut “too rock for country”. Lord Of The Lost dan uit Hamburg. Het vijftal levert met Judas een heuse dubbelaar af met de kenmerkende, wat pompeuze gothic en wavemetal. Eindredacteur Ingmar Griffioen zag ondertussen de debuutplaat van STÖNER langzaam maar zeker groeien naar het niveau dat je van Palm Desert-bazen Brant Bjork en Nick Oliveri mag verwachten. Heavy Psych Sounds indeed!

Tekst: Joost Schreurs en Ingmar Griffioen 

Naast de Spotify-links kun je natuurlijk ook terecht bij onze 666 Hardhitters Spotify-lijst, waar je regelmatig op de hoogte blijft van dikke nieuwe tracks!


Fear Factory – Aggression Continuum
Het had niet veel gescheeld of Aggression Continuum, het tiende studio-album van Fear Factory, was nooit verschenen. Een paar jaar geleden was het album al zo goed als af, maar zanger Burton C. Bell en gitarist Dino Cazares kregen, niet voor het eerst, slaande ruzie en rechters moesten er aan te pas komen om te beslissen wie recht had op de bandnaam en of Aggression Continuum uitgebracht mocht worden. En dat terwijl Bell en Cazares in de jaren ’90 nog grootse successen vierden met legendarische albums als Demanufacture en Obsolete, waarop een voor die tijd revolutionaire mix van death metal en industrial te horen was. Cazares stapte rond de eeuwwisseling al eerder op, waarna een aantal mindere albums volgden. Hij keerde echter terug op het oude nest, wat in 2010 werd gevierd met Mechanize, een ouderwets goed album. Hierna denderde de Fear Factorytrein lekker door om vervolgens toch weer te ontsporen nu Burton C. Bell met slaande deuren is opgestapt.

Is er ook goed nieuws te melden? Jazeker, want mocht Aggression Continuum de zwanenzang van Bell voor Fear Factory zijn, dan neemt hij afscheid in stijl met misschien wel het sterkste album sinds zijn hereniging met Cazares elf jaar geleden. Zo goed en baanbrekend als in de jaren ’90 zal het niet meer worden, maar vergeleken met de recentere albums klinkt Fear Factory over de hele linie net wat bruter, feller en geïnspireerder. Opener Recode zet de toon: “Imagine your life taken from you” zingt Bell, bijna profetisch als je bedenkt hoe de afgelopen jaren voor hem verliepen. De woede en continue agressie zijn voelbaar in zijn stem en teksten. De drums komen deze keer niet uit de computer, maar ze zijn zo strak dat het de muziek wel de klinische, industriële feel geeft  die perfect past bij de thematiek van kunstmatige intelligentie, robottechnologie en cyborgs die de mensheid bedreigen. Bell kreeg de laatste jaren nogal wat kritiek op zijn vocalen te verstouwen, met name gericht op zijn prestaties op het podium, maar voor deze plaat trekt hij letterlijk en figuurlijk alle registers open. Check bijvoorbeeld zijn ouderwets brute grunts op Collapse.

En vooruit, af en toe wordt er een riffje gerecycled, zoals in Cognitive Dissonance, dat hier en daar wel erg lijkt op Self Bias Resistor, maar beter goed gejat (van jezelf) dan slecht verzonnen, dus Fear Factory komt ermee weg. De keyboards en samples zijn daarentegen een stuk melodieuzer en rijker op deze plaat, af en toe gaat het zelfs de symfonische kant op met complete orkestraties. Als het aan Cazares ligt, gaat Fear Factory door met een nieuwe zanger. Hoe dat gaat uitpakken, is afwachten, maar als afsluiter van een tijdperk van drie decennia dat begon met Soul Of A New Machine in 1992, staat Aggression Continuum voor een zeer waardig einde. (JS)


STÖNER – Stoners Rule
Ik geef het grif toe: ik was nogal sceptisch bij een nieuwe samenwerking van Kyuss-broeders Brant Bjork en Nick Oliveri. Of beter gezegd: Ik juichte eerst heel hard en bedacht hoe kick-ass het zou zijn om ze live te zien performen, zeker bij die (in maart opgenomen) Live in the Mojave Desert set. Sceptisch was ik meer bij het idee dat ze een studioalbum gingen afleveren op Heavy Psych Sounds. De heren hebben de afgelopen jaren diverse projecten en samenwerkingen gelanceerd die zelden uit de verf kwamen zoals de devote stonerfan voor ogen had. Stiekem dachten we al eens dat de dadendrang meer uit financiële dan creatieve noodzaak geboren was. Wat dat betreft leek de naam STÖNER (g)een serieus teken aan de wand.

Opener Rad Stays Rad heeft de fuzz goed op gitaar zitten, maar klinkt – vooral door de zang – toch niet zo urgent en wat langdradig. Maar allez, The Older Kids dan! Die brengt ons meteen terug naar older kicks met kippenvel van een naar Kyuss-hintend intro (Green Machine -> kippenvel!) en een typische Brant Bjork-groove van Automatic Fantastic-gehalte. Die ritmetandem ronkt heerlijk mannen, dit zijn Oliveri (bas) en Chris Gut (drums) op topniveau. Bij Own Yer Blues (check die Mojave Desert uitvoering!!) zitten we er alweer heel diep in. Heerlijk dat gitaarspel van Bjork. Het opwindende, rauwe Evel Never Dies ademt een soort losse QOTSA – Feel Good Hit Of The Summer vibe (kom er maar in Nick!), die we ook erg goed diggen.

Tja, en dan afsluiten met Tribe/Fly Girl, een ruim 13 minuten durende dubbele desert rocker met een laidback, instant groovy vibe zoals alleen de King of Cool die kan neerleggen. Dat repetitieve gitaarspel – putting a spell on us, en die knauw in z’n stem. Yup: “We found our tribe!”. Slepende opbouw en uitmondend in een dikke, Palm Desert-waardige STÖNER-jam. De mood is net zo chill als op die laatste, zelfgetitelde Brant Bjork-plaat, die ook op Heavy Psych Sounds uitkwam. Die kende ook een paar uitschieters (zeker Mary (You’re Such A Lady)), maar leed ook aan wisselvalligheid en soms gezapigheid. Wat dat betreft is Stoners Rule beter, stukken beter, maar toch ook geen Top 3 van de Jaarlijst beter. Het is wel ouderwets en op grof volume genieten en grooven met dit trio, waarin Bjork nog maar eens laat horen, waarom het zo’n goed idee was dat hij van beestachtige drummer transformeerde tot frontman. (IG)


Blackberry Smoke – You Hear Georgia
‘Too rock for country. Too country for rock’. Zo mag Blackberry Smoke zich graag omschrijven. Het gezelschap uit de Amerikaanse staat Georgia produceert inderdaad al ruim 20 jaar smakelijke bluesy, southern rock, zoals we die kennen van Lynyrd Skynyrd of The Black Crowes, met af en toe een stevige dosis country. Middelpunt van het gezelschap uit Atlanta is Charlie Starr, zanger, gitarist en belangrijkste songwriter van Blackberry Smoke. Hij voorziet de band met zijn kenmerkende stemgeluid met zuidelijk ‘dixie’ accent van een toegankelijke sound, die toch net rauw genoeg is om niet gladjes of ‘poppy’ te zijn. Inmiddels is Blackberry Smoke toe aan het zevende album You Hear Georgia, dat zoals de titel al suggereert, een ode is aan hun thuisstaat.

Het album begint met een lekkere rocker Live It Down dat is opgebouwd rond zo’n typische bluesy, Black Crowes-achtige gitaarriff en een refrein dat je al na een paar keer kunt meezingen. Precies het recept waar Blackberry Smoke een sterke livereputatie mee heeft opgebouwd in het afgelopen decennium. Wie bekend is met de eerdere platen van Blackberry Smoke, zal niet overrompeld worden door een nieuwe sound, want met You Hear Georgia wordt redelijk of safe gespeeld. Niettemin valt er genoeg te genieten, zoals Lonesome For A Livin’. Een echt countrynummer, compleet met slidegitaar en gastbijdrage van Nashville countryster Jamey Johnson. Op dat moment is Blackberry Smoke echt even ‘too country for rock’. Een andere gastbijdrage in All Rise Again is van eindbaas Warren Haynes, die zijn sporen verdiende in The Allman Brothers Band, maar ook als gitarist van David Allan Coe. Het resultaat van deze samenwerking is een mooie bluesrocker en een van de beste nummers van deze plaat.

Het leuke aan zanger Charlie Starr is, dat hij net als veel grote countryzangers, het talent heeft om echt een verhaal te vertellen in een nummer. Luister bijvoorbeeld naar de wijze raad in Old Enough To Know: “No one really knows what they’re doing. They fake and and try not to let it show.” Dat zal voor iedereen herkenbaar zijn, net zoals veel andere teksten over het leven van gewone ‘working class’ mensen. Wat dat betreft houdt Starr het heel down to earth. Kortom, geen grote verrassingen op de zevende langspeler, maar gewoon weer een degelijk Blackberry Smoke album. (JS)


Lord of the Lost – Judas
Het is natuurlijk briljant om een album genaamd Judas te beginnen met het nummer Priest, maar vergis je niet, wie een stevig potje klassieke heavy metal verwacht, komt met het nieuwe album van Lord Of The Lost bedrogen uit. Dit Duitse gezelschap zit namelijk in de hoek van de dark gothic metal en Judas is alweer hun zevende, maar wel de meest ambitieuze plaat. Met het sterke album Thornstar en een uitnodiging op zak om in de zomer van 2020 met Iron Maiden op tour te gaan, leek niets een grote doorbraak voor Lord Of The Lost in de weg te staan, totdat corona roet in het eten gooide. Bandleider Chris “Lord” Harms besloot van de nood een deugd te maken en het idee voor een conceptalbum over de apostel Judas uit te werken. Dit gebeurde zo grondig en uitgebreid dat er genoeg materiaal was voor een dubbelalbum. Het idee achter het concept is dat Judas een onbegrepen apostel is, niet de verrader die Jezus uitleverde aan de Romeinen, maar juist de meest trouwe apostel die zijn eigen leven en welzijn opofferde zodat Jezus, voor onze zonden, kon sterven aan het kruis en herrijzen. Hier zijn boekenkasten over volgeschreven, dus Harms vond inspiratie voor twee keer twaalf nummers die uiteenvallen in het eerste album ‘Damnation’ (verdoemenis) en het tweede ‘Salvation’ (verlossing).

De titels geven de sfeer van de muziek op beide albums goed weer, want ‘Damnation’ is het meest duistere album van de twee, echt gothic, met veel aandacht voor de melodieën en orkestraties. Leuk om te weten, is dat alle muziek echt is. Niets komt uit een keyboard of computer. Dus als je een kerkorgel hoort, of een piano, dan is dat ook een kerkorgel of piano. Ook dat was een voordeel van de corona downtime, de band had alle tijd om het geluid op Judas te perfectioneren. Lord Of The Lost balanceert bij vlagen tussen kunst en kitsch. Ballads als Fields of Blood of 2000 Years A Pyre staan bol van de bombast op piano en vooral catchy zanglijnen, die na een paar luisterbeurten als echte oorwurmen in je hoofd genesteld zitten. Het is net als met de ballads van Guns N’ Roses, zoals November Rain, of je vindt het prachtig, of drie keer niks, maar Lord Of The Lost bewijst wel over het talent te beschikken om mooie liedjes te schrijven.

Voor wie de ballads niks vindt, volgt op deel twee van Judas (Salvation) de verlossing, want hier keren de Lords terug naar een meer opgewekte, stevigere jaren ’80 gothic, wavemetal-sound. Zeg maar Sisters of Mercy en Combichrist, in plaats van Tiamat en Moonspell. Met Judas steekt Lord Of The Lost de ambitie niet onder stoelen of banken. De tijd, energie en passie die in dit dubbelalbum zijn gestoken, zijn hoorbaar en niet alleen vanwege de glasheldere productie. Grote kans dat ze met dit album op zak een oversteek maken van gothic nichefestivals zoals M’era Luna naar de grotere metal- en rockfestivals. (JS)


Ben je nog niet klaar met het ontdekken van nieuwe muziek, tune dan in op de NMTH Hardhitters op Spotify:

 
 



Deel dit artikel